Fantastiek, drieluik over de opkomst van een genre, deel III

Het duurde even voor het laatste deel van het drieluik geschreven was. Ik heb natuurlijk niet stilgezeten: wij zijn druk bezig om ons huis bewoonbaar te maken. Daardoor is het op de blog wat stil geweest.
Daar komt nu weer verandering in!

Op eigen kracht

Ongeveer 4% van de verkochte fictie is fantasy. Dat lijkt niet zo veel, maar binnen de totale markt is het best aardig.
Je zou kunnen zeggen dat dat aandeel moet vergroten. De vraag is natuurlijk: wat wil je dan precies bereiken?

Willen we de markt voor fantasy vergroten in het Nederlands taalgebied? Willen we het oorspronkelijk Nederlandse deel binnen de bestaande markt vergroten?
Of willen we alles? Willen we de wereld veroveren? (Ik stem uiteraard voor deze optie.)

En, misschien wel de belangrijkste vraag: wie zijn 'we' nu eigenlijk? Ik heb dit al eerder aangestipt, maar ik herken mij niet direct in de, inmiddels overigens alweer aardig verstomde, roep om versterking van het genre. Ik zie het genre ook niet als een soort dorp van Asterix en Obelix, met een stevige palissade eromheen. Hoewel, wij beschikken natuurlijk wél over de toverdrank...
Ik zie het eerder als een enorme landkaart met allerlei elkaar wel of niet rakende groeperingen, stromingen en eenlingen die hun eigen weg zoeken. Schrijvers die elkaar persoonlijk raken, en schrijvers wiens werk verwantschap heeft (en dat is uiteraard niet hetzelfde), ze voegen allemaal iets toe aan de boekenstapel.

Je zou kunnen gokken op een vergroting van dat aandeel, door meer mensen met fantasy-romans in aanraking te proberen te brengen.
De vraag is of mensen zo weinig in aanraking komen met fantasy dat 'onbekend is onbemind' hier opgaat. Films, kinderverhalen, games, haast iedere levende ziel komt wel eens met fantasy in aanraking.

De probleemstelling is in mijn ogen dan ook een andere: niet de lezers in aanraking brengen met fantasy, maar de fantasylezers in aanraking brengen met oorspronkelijk Nederlandstalig werk.
Veel fans van het genre mijden alles wat op eigen bodem wordt uitgegeven als de pest. De kwaliteit van de verhalen wordt dan genoemd. Vooral ook de gebrekkige kwaliteit van het taalgebruik.

Ik denk dat daar ook zeker een verbeterpunt genoemd is. Mijn ervaring is dat boeken van kleinere uitgeverijen (en hetzelfde gaat in nog sterkere mate op voor publicaties in eigen beheer) nogal eens een gedegen redactie ontberen, en dat die laatste maar o zo belangrijke ronde, waarin de correctheid van het Nederlands zin voor zin onder de loep genomen wordt, ontbreekt.
Het resultaat is dat verhalen te groen de markt op gaan en lezers teleurgesteld of zelfs geërgerd raken. De doorgewinterde fan kent vaak de problemen van kleine uitgeverijen wel en is bereid om tot op zekere hoogte kleine mankementjes door de vingers te zien. Maar we vergeten maar al te makkelijk, dat de grootste groep lezers van fantasy zich buiten die harde kern van fans bevindt. Lezers die argeloos op internet een boek bestellen om dan tot de ontdekking te komen dat het boek niet dat professionele niveau heeft dat ze er op grond van de aanschafprijs van verwachten, worden gesterkt in hun vooroordelen en zullen in het vervolg bepaalde uitgeverijen mijden.

Overigens denk ik dat de lezer de enorme ontwikkelingen in het Nederlands taalgebied over het hoofd ziet, want die vinden op dit moment wel degelijk plaats. Er is veel talent aanwezig onder de Nederlandstalige fantasyschrijvers. Het afgelopen jaar heb ik veel debuten mogen lezen, zowel van vertaalde auteurs als van Nederlandse schrijvers. Eerlijk gezegd, de vertaalde boeken hadden óók tekortkomingen naar mijn bescheiden oordeel. Vermakelijk werk, soms ook best origineel, maar daar is recent Nederlandstalig werk tegenover te zetten dat er niet voor onderdoet. Wel waren de vertaalde publicaties duidelijk beter geredigeerd (hoewel, ook niet allemaal...)
Op dit moment zijn er een aantal auteurs die niet de aandacht krijgen die ze op grond van hun werk verdienen, en dat is jammer. Gek genoeg worden in mijn ogen juist een aantal schrijvers die het bij een groter publiek goed zouden doen, over het hoofd gezien binnen het Nederlandse landschap. Het is interessant om na te gaan waardoor dat wordt veroorzaakt.

Enkele tientallen auteurs publiceerden de laatste jaren. (ik telde er zo gauw 35 - eigen beheer buiten beschouwing, jeugdauteurs niet meegerekend.)
Het aandeel auteurs daarvan dat bij de grotere uitgeverijen gepubliceerd is, is niet bijzonder groot, en het aandeel daarvan dat buitenom een Genre-imprint is gepubliceerd, is domweg verwaarloosbaar.
En toch zijn deze auteurs onze boegbeelden: zonder ons gezonde oordeelsvermogen te verliezen, mogen we hen best op handen dragen.

Eerst Nederlandstalige fantasy een beter imago bezorgen. Dan kan het veld in de breedte groeien, goed werk van eigen bodem heeft een aanzuigende kracht.
Boeken die marketing geven die ze verdienen, ieder boek zijn eigen aanpak en publiek. Binnen de Nederlandse fantastiek publiceren schrijvers die zo verschillend zijn dat een algemene aanpak weinig zoden aan de dijk zou zetten: die schrijvers zullen allemaal zelf aan hun lezerspubliek moeten werken. Dat laat onverlet dat de kwaliteit van de redactie wel de gemene deler is om de naam van Nederlandse fantasy beter te maken.
Zo kan het Nederlandse genre groeien. Niet door fantasy in zijn algemeenheid te op te stuwen in de vaart der volkeren, dat is als missie te vaag, te groot. Wel door de kwaliteit die er is te promoten en verder uit te bouwen.

Ik denk hier aan veelvuldig(er) gebruik maken van boekbloggers, recensie- en themasites en fora om boeken onder de aandacht te brengen. Vooral ook voor de auteur bij een kleinere uitgeverij zonder machtig marketingbedrijf achter zich (de meeste fantasy-auteurs dus) interessant. Zulke sites zijn laagdrempelig en gratis te bezoeken.
Het aantal websites dat fantasy promoot is de laatste tijd flink gegroeid. Deze sites worden natuurlijk beheerd door mensen die het genre een warm hart toedragen, en die ook graag een steentje bijdragen aan het promoten van Nederlandstalige fantasy. Waarvoor, vanaf dit kleine plekje op het web: hulde!

Verder bestaat er al veel samenwerking binnen het genre om boeken voor elkaar te promoten en elkaar op beurzen te vertegenwoordigen. Of een groter, algemener verband op dit moment levensvatbaar is betwijfel ik. Maar niet getreurd, samen betekent niet altijd állemaal samen.

Ik heb geen idee wat het aandeel is van oorspronkelijk Nederlandstalig werk binnen die 4% van de markt. Minimaal, schat ik zo in. Ik denk dat het streven moet zijn, om dat aandeel flink te vergroten. Ons genre heeft het tij wel degelijk mee.

Reacties

  1. Wat mij opvalt aan wat er aan origineel Nederlandstalige Fantasy verschijnt (afgezien van de kwaliteitsproblemen die veel publicaties parten spelen) is dat het thematisch zoveel breder is dan de vertaalde Fantasy die op de markt verschijnt. Nederlandse uitgevers beperken zich vaak tot het vertalen van de meer traditionele, psuedo-middeleeuwse, episch Fantasy, de langlopende en goedverkopende series and de regelrechte Tolkien klonen. Hier en daar duikt nog een vampier of maar zaken als Steampunk, Urban Fatasy, New Weird en wat er nog meer voor subgenres rondzweeft, gaan grotendeels aan de Nederlandse martk voorbij. Zelfs Science Fiction, ooit toch redelijk populair, is al tijden morsdood.

    Ik kan me voorstellen dat mensen die op zo'n beperkt dieet zijn opgevoed, het moeilijk hebben met een deel van wat er in het Nederlands wordt geschreven. Het uitbreiden van het genre zal denk ik ook gepaard moeten gaan met het breder maken ervan. Zolang het overgrote deel van de publicaties riscoloos aan de verwachtingen van gevestigde groep Fantasylezers voldoet raak je niet buiten de pallisaden van het dorp.

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten