Fantastiek, drieluik over de opkomst van een genre Deel II

Geen eenhoorns op het gras svp. Draken aan de lijn

Fragment uit een interview met Lauren Beukes:

SFS: Zoo City was shortlisted for the British Science Fiction Award for Best Novel and it won the Arthur C. Clarke Award for best science fiction novel, yet Publishers Weekly described it as "almost single-handedly pulling the urban fantasy subgenre back towards its groundbreaking roots." Where do you see it fitting?
LB: I don't know. I think this whole genre-versus-literary debate and the micro-boxing, so it's not just "science fiction" - it's "cyberpunk" or it's "dystopian" or it's "speculative" or it's "new weird" or it's "urban fantasy" or it's "paranormal romance"... I think what we're doing is putting off readers. It's great for the guys, shelving in the bookstores, but I think too much categorisation frightens people away, or it limits readers. If there has to be a genre, I'd like it to be "good stories".
Lauren Beukes.
Voor het hele interview: klik hier


De 101 hokjes van de fantasy.

Ga er maar aanstaan, iets van je gading vinden in een willekeurige Selexzyz waar álle boeken ongesorteerd door elkaar staan. Genre-aanduidingen geven de lezer hier richting en brengen zo boeken en lezers bij elkaar.
Dat is dan ook meteen de valkuil van zulke etiketten, want er bestaan vele verhalen die moeilijk probleemloos onder een etiket te vangen zijn. Binnen alle mogelijke genre-aanduidingen zijn heel diverse verhalen, met heel verschillende invalshoeken, thema's, en stijlen mogelijk. Verhalen die zich niet zomaar door etiketten laten vangen worden soms krampachtig als cross-over aangeduid, waarbij dan diverse subgenres worden voorgesteld om het verhaal toch maar onder een noemer te brengen.
Definities van genres zijn op zijn zachtst gezegd arbitrair. Ze vormen tevens een risico op een heel beperkte beeldvorming van een verhaal dat de potentie heeft een breder lezerspubiek aan te spreken. Boeken lopen dus de kans op grond van hun indeling lezers mis te lopen.
'Goede verhalen,' zoals Lauren Beukes voorstelt, lijkt me wat vaag: maar de sub-, subsub-, subsubsubindelingen binnen de genreliteratuur lijken ook mij hun doel wel eens voorbij te schieten.
Ik denk ook niet dat je lezers van buiten het genre bereikt door ze een stukje educatie van de genres op te dringen: ik denk dat je lezers wint met goede verhalen. En met de juiste marketing om die goede verhalen de aandacht te geven die ze verdienen.


Literatuur of fantastiek

Zou Die Verwandlung van Kafka heden ten dage zijn ingelijfd bij de literatuur, of zou dit bijzondere werk naar de marginaliteit van de genrefictie zijn verwezen? Het is een interessante vraag.

Steeds terugkerend binnen de fantasygemeenschap (ook in het Engelstalige gebied) is de vraag of speculatieve fictie onder literatuur geschaard mag/moet/kan worden. Binnen 'het genre' bestaat een groep mensen die graag zouden willen zien dat de literaire wereld erkenning verleent aan fantasy. Deze mensen voeren literatuur met bovennatuurlijke of speculatieve elementen aan om aan te tonen dat een aantal grote werken uit 'Dé Literatuur' óók eigenlijk tot 'onze' genres behoren. Je kan je afvragen welk doel dat dient.
Geen enkele literatuurliefhebber zal ontkennen dat De ontdekking van de hemel, de boeken van Harakumi en A.F.Th van der Heijden, en het werk van Orwell elementen bevatten die fantastisch van aard zijn. Weinig mensen zullen echter van Doris Lessing, Gabriel Garzia Marquez of Marianne Frederiksson genieten, omwílle van hun gebruik van fantastische elementen.

Dat er literair werk is dat speculatieve elementen bevat maakt van speculatieve fictie natuurlijk niet automatisch literatuur.
Wat mij betreft maakt de fantastiek ook niet automatisch aanspraak op literaire werken met duidelijk bovennatuurlijke elementen. De schrijvers ervan hebben immers in de meeste gevallen beslist niet uit het reservoir van de speculatieve fictie geput - veeleer hebben ze gebruik gemaakt van de grondstoffen waar álle verhalen uit gemaakt worden.

Literatuur gaat nooit over de realiteit, het gaat over realiteitsbeleving - en als zodanig, is het altijd de strikt persoonlijke vertelwerkelijkheid van de auteur die je betreedt als je een boek open slaat. In beginsel herschept iedere schrijver de realiteit, en laat haar daarbij onvermijdelijk op een aantal punten los of vervormt haar. De werkelijkheid is veel te complex voor ons om in zijn geheel te kunnen vatten.
'Schrijven is liegen om de waarheid te kunnen vertellen,' zoals Kader Abdolah zo prachtig zegt.
De vertelling biedt ons de mogelijkheid om grip te krijgen op een deel van onze beleving, en dat om te zetten in een vorm die het mogelijk maakt om die met anderen te delen. Ook al zal het referentiekader van de lezer bepalen, of er werkelijk sprake kan zijn van een gedeelde ervaring, en ook al zal datzelfde referentiekader er debet aan zijn, dat die opgetekende ervaring een heel andere betekenis kan krijgen wanneer zij wordt gelezen - de diepste laag is de lezer zelf.

Als alle verhalen in meer of mindere mate gelogen, of positiever gezegd, een product van de verbeelding zijn, zit er dan helemaal geen verschil tussen literatuur en fantasy? Natuurlijk wel. Er is tussen genres (als in, het literaire genre en het fantastische genre - ook weer wat krampachtig natuurlijk, deze scheidslijn, maar die krampachtigheid zal de lezer in dit hele betoog opmerken) een verschil in traditie en herkenbare elementen.

Er is speculatieve fictie van een niveau dat hoog ligt, hoger dan een heleboel literair (als genre) werk. En ja, omdat het speculatief is, wordt het op voorhand genegeerd door de literaire kritieken. Maar hebben die daarmee ongelijk?
Nee, ze zijn namelijk literaire kritiek, en ze beoordelen literatuur als genre. Een duidelijk afgebakend, in nette perken onderverdeeld speelterrein waar duidelijke regels gelden. Al zal een beetje literaire criticus dat in alle toonaarden ontkennen. De spelregels van de kunst veranderen door de tijd, afhankelijk van de respectieve deelnemers aan het spel maar ze hangen natuurlijk van de conventies aan elkaar.

Hoe je het ook bekijkt, of je literatuur nou als kwaliteitsaanduiding ziet, over de hele zee van geschreven werk heen, of als een afgebakend, eigen genre, de roep om erkenning voor de hele fantastiek is altijd een verloren zaak, omdat een groot deel van de verhalen zich totaal niet leent voor aanspraak op het predicaat literair.
Het heeft weinig zin om over diepere lagen in een verhaal te spreken, als zelfs de minst veeleisende lezer op dat vlak ze niet kan vinden. En als er over taal niets te melden valt, dan dat het een vehikel vormt om het verhaal van punt A naar punt B te brengen, is dat niet erg, maar ook niet anders dan het is. Wat mij betreft is het eenvoudig: een verhaal kan goed in elkaar zitten, onderhoudend zijn, spannend zelfs, zijn, maar als het in taal en thema niets extra's biedt dan is het lectuur.

Als het overgrote deel van de lezers het liefst onderhoudende, spannende, epische series leest, kun je je natuurlijk afvragen wat het voor zin heeft om naar erkenning van het literair circuit te hengelen.
De roep om meer aanleunen tegen wat als literatuur beschouwd wordt dient wel een doel, als het hier om een marketingtruc gaat om meer aandacht van het grote publiek te bewerkstelligen. De thrillerauteurs wijzen ons wat dat betreft de weg.
Waarom zouden we ook streven naar erkenning: fantastiek mag dan wel klein zijn, het is wel een volledig onafhankelijk, ongesubsidieerd genre. Het overleeft op eigen kracht.
Naar verhouding wordt er in Nederland trouwens vrij veel fantastiek uitgegeven die tegen het literaire genre aanleunt, werk waarin wel degelijk een spel met de taal wordt gespeeld en waarin de lezer verschillende betekenissen kan ontdekken. Het gaat hier echter om publicaties waarvoor juist weinig aandacht is in het traditionele fantasywereldje: de gemiddelde fantasyfan lijkt toch eerder op zoek naar een onderhoudend verhaal, niet naar een diepgaande leeservaring.
Als de huidige Nederlandse fantasyscene al dichter tegen literatuur zou willen aanleunen omwille van een grotere verkoopbaarheid, dan zijn die werken geschikt voor promotie, die elementen aan de lichtere vormen van literatuur ontlenen. De toegankelijkheid van verhalen lijkt een bepalende factor voor succes bij het fantasypubliek.

De Nederlandse genrewereld kent op dit moment al enkele gepubliceerde auteurs die geschikt zijn om de fantasylezer de weg naar Nederlandstalig werk te wijzen. Het genre als geheel zou vruchten kunnen plukken van het voor het voetlicht brengen van juist deze schrijvers.

Daarnaast is het heel belangrijk om het gevaar in het oog te houden, dat de sense of wonder verloren kan gaan gaat bij toenadering tot de main streamliteratuur. Het is zelfs al belangrijk om het sense of wondergehalte in de huidige fantasy in het oog te houden, want al dat herkauwen van bekende verhaallijnen geeft de lezer voornamelijk een gevoel van herkenning, van vertrouwdheid, en niet langer meer van avontuur en een glimp van het ondenkbare en onbestaanbare.

Om levensvatbaar te zijn en blijven heeft een genre zowel een experimentele avant garde nodig, kruisbestuiving met andere genres als meer mainstream schrijvende auteurs die een groter bereik hebben.
Voor het fantasygenre lijkt het mij van belang dat schrijvers niet alleen binnen het genre zelf hun inspiratie zoeken, maar ook daarbuiten. En weer is hier geen krampachtige toenadering tot 'de literatuur' aan de orde, maar eerder een brede kruisbestuiving tussen fantastiek en de onuitputtelijke bron van inspiratie die alle mogelijke schriftelijke, beeldende en muzikale menselijke creatieve uitingen ons bieden. 'De Literatuur' kan daarbij uiteraard een inspirerend element zijn.
Maar het fantastisch genre als geheel, zeker vanuit haar Engelstalige wortels, is enorm divers en is dat altijd al geweest. Zeker schrijvers die ook SF schrijven en schreven, zijn altijd al in staat gebleken om vernieuwende elementen te integreren en het genre zo levensvatbaar te houden.

Genrefictie en literatuur hebben dezelfde wortels, hebben zich ontwikkeld tot duidelijk herkenbare, afzonderlijke genres die wel een overlap kennen en regelmatig elkaars grondgebied betreden. Daar is niets mis mee, het zorgt voor dynamiek.
Waar wel iets mis mee is, is hengelen naar erkenning van de literairen en daarbij bereid zijn om je eigen genre te verloochenen.

Deel III: Eigen kracht

Reacties

  1. Na de reactie van vorige keer is het waarschijnlijk geen verrassing zijn maar ik ben het bijna van A tot Z met dit verhaal oneens ;)

    Laat ik me beperken tot de kern van de zaak:

    "De schrijvers ervan hebben immers in de meeste gevallen beslist niet uit het reservoir van de speculatieve fictie geput - veeleer hebben ze gebruik gemaakt van de grondstoffen waar álle verhalen uit gemaakt worden."

    Het hele verhaal heeft als ik het goed begrijp eigenlijk als uitgangspunt dat fantasy en literatuur twee aparte kunstvormen met een gemeenschappelijke wortel zijn. Ik zie ze niet als vormen die zo ver uit elkaar staan. Om aan te haken bij de bovenstaande uitspraak, waarom zou het gereedschap dat een verhaal fantasy maakt uit een ander bakje komen dan waar een literaire schrijver uit put?

    Laat ik Robert Jordan als voorbeeld nemen. Hij is in mijn ogen overigens bij lange na niet het beste wat het genre te bieden heeft. Je kunt enorme verhandelingen houden over de literaire invloeden in zijn werk (Hemingway, Tolstoj), de invloed van oosterse religies (cyclisch tijdsbesef, yin/yang etc.) of zijn gewroet in de Arthur legende (heeft iemand zich eigenlijk wel eens afgevraagd waarom Le Mort d'Arthur literatuur is en The Mists of Avalon niet?) etc. Het treurige feit is echter dat zodra er een Trolloc opduikt al deze invloeden blijkbaar niet meer interessant zijn en het werk weggezet wordt als fantasy.

    Het is niet zo zeer het eisen van erkenning maar meer de kniepeesreflex dat iets dat bepaalde elementen die als fantasy kunnen worden aangeduid, geen literaire waarde meer kan hebben. Kijkt een schilder neer op een beeldhouwer omdat die zijn creativiteit op een andere manier uit? Waarom is dat in de schrijverswereld dan wel geaccepteerd? Van mij hoeft er nooit een fantasy-roman de AKO literatuurprijs te winnen maar die automatische diskwalificatie op basis van wat in feite een vooroordeel is, mag wat mij betreft weldegelijk door het genre bestreden worden.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Nou, in de kunstwereld wordt wel degelijk door een kleine elite zwaar neergekeken op sommige meer ambachtelijke, minder pretentieuze vormen van kunst hoor... Niet door iedereen natuurlijk, maar breek me de bek niet open. ;)
    Maar dat is het punt niet.

    Ik behandel hier literatuur inderdaad deels als op zichzelf staand genre en ik besef dat dat een keuze is. Er is wat mij betreft echter niet direct sprake van een vaststaande kloof tussen beide genres, omdat het per werk verschilt hoe het zich tot 'de overkant' verhoudt: er is fantastiek die meer schatplichtig is aan literatuur dan aan genrepublicaties, en er is literatuur die heel dicht aanleunt tegen de genres. En ja, dat is ook de zwakte in het betoog. ;)

    Mijn punt is dat het weinig zin heeft om vanuit het genre een kniebuiging te maken naar die literaire elite. Ik denk dat dat juist averechts werkt: omdat men daar weigert 'iets met een trolloc' als literair te erkennen, hoeven wij daar niet aan mee te doen....

    Het gaat mij er niet om dat fantastiek en literatuur niet verenigbaar zijn, dat zijn ze wel. Het gaat mij erom dat een schrijver als Jordan niet per sé het predikaat literair hoeft te krijgen, en zeker niet van de zelfverklaarde pausen in de literatuurkritiek, om een werk van waarde te zijn.

    Adinda

    BeantwoordenVerwijderen
  3. We komen al iets dichter bij elkaar ;)

    Deze hele discussie doet me een beetje denken aan een betoog over science fiction dat ik een poosje geleden ergens tegen kwam. De kern van dat verhaal was dat science fiction als genre min of meer in de literaire fictie wordt gezogen omdat steeds meer schrijvers SF-elementen lenen maar toch door de marketing afdeling als literatuur neergezet worden. Ik vraag me af of SF hierin de Fantasy voor is.

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten